Camilo heeft een dansje. Het gaat ongeveer zo dat hij van het ene been op het andere been springt en daarbij het been waarop hij staat onder zijn bovenlichaam plaatst en het andere vanuit zijn heupen opzij gooit. Ook zijn hoofd en bovenlichaam bewegen daarbij heen en weer.
Al naar gelang de heftigheid van de emotie die het dansje uitdrukt (dat kan boosheid / driftigheid zijn, maar ook blijdschap en enthousiasme), neemt de frequentie van de bewegingen toe en worden ze al dan niet begeleid door een “ik wil niehiehiehiehiehiet” een “hihi” of gewoon een grote glimlach.
Laatst deed hij het hier op de camping in de familiedouche. Gleed hij uit en viel hij prompt op de gebroken witte tegels, waarbij hij overigens wel bleef lachen.
Vandaag deed hij een beperkte versie met alleen zijn bovenlichaam en hoofd, omdat hij net wakker was, zijn vader hem op had getild en hij geen TV mocht kijken. (“Ik wil nú Robin Hood kijken!”)
Wanneer hij ermee is begonnen, kan ik me niet echt herinneren, maar ik weet nog wel wat één van de buurvrouwen zei toen we in november 2017 (Camilo was toen anderhalf) langs de deuren gingen voor Sint Maarten: “Heel mooi gezongen jullie en jij heel mooi gedanst!”
zondag 11 augustus 2019
dinsdag 6 augustus 2019
Feest
“Gaan we nu naar De Pan?” vraagt ze en we kijken elkaar aan. Ja, het is feest vandaag op Camping Bakkum en je hoort de dreunende bas van de boxen bij het theater met de halfronde kap op kilometers afstand. Blijkbaar heeft het nieuws zich ook onder de kinderen verspreid, want Aimée vindt dat wij moeten gaan.
Ik had er wel zin in. Stelde me een discosfeertje voor en zag de bars al klaar staan. Wat we aanvankelijk uit de verte hadden gehoord van een coverband, klonk nog zo slecht niet, maar de smartlappen die er achteraan kwamen, vond ik wat minder aantrekkelijk.
“Laten we maar even gaan kijken joh,” zeg ik en we staan op om de bups klaar te maken. Sol in de draagdoek, Valentín in de buggy (grote kans dat hij in slaap valt!) en Aimée op de fiets.
Het theater is ongeveer 500 m lopen en in de grond uitgehakte tribune zit helemaal vol. Gaetano loopt naar een plekje aan de zijkant.
Inmiddels heeft een R’n’B zangeres het podium ingenomen: Birgit (spreek uit: Burgit) Lewis. Geflankeerd door twee danseressen in zwarte gordijnenpakjes en begeleid door de band (spreek uit: band; wie heeft er met zo’n stem live-muzikanten nodig?) zingt ze nummers van Rihanna (geloof ik?) en Beyoncé, maar ook van Shaka Kahn en Tina Turner.
Aimée wil het zien; ik weet niet precies wat het is dat haar fascineert. De pakjes van de danseressen misschien of hun moves, of simpelweg de Vrouw met de Stem, maar we bewegen meer naar het midden en ik neem haar op mijn nek. Ze wil het nóg beter zien en neemt me aan mijn hand mee naar voren.
Dicht bij het podium is genoeg plek. De toeschouwers of liever gezegd meedansers hier zijn allemaal meisje en onder de zestien. Hier kun je heerlijk jezelf zijn, met een knuffel onder je arm, je wasberenpak aan, of gewoon in je lievelingsrokje. Ik vind het plezier van mijn dochter een goed excuus omweer eens gewoon lekker te dansen alsof niemand kijkt. Het lijkt alsof het jaren, zwangerschappen, kraamtijden en schooljaren geleden is dat ik dat heb gedaan.
Na het toegift van Burgit (Purple Rain van Prince), neemt Bob met de Blue Boys het over. Hij, de zanger, in wit-zwart, zij, de muzikanten, in zwart-wit. Zingen gewoon waar ze zin in hebben: ben nu alleen even vergeten wat.
Oh ja, Queen bijvoorbeeld. Als ze zingen “Don’t stop me now! (‘Cause I’m having a good time)” appt manlief me of ik hem de sleutels van het huis kom brengen. De broertjes zijn blijkbaar in slaap gevallen. We lopen de berg weer op en brengen de sleutels, gaan dan nog even terug naar het podium, maar het momentum is weg. Als ik Aimée vraag of ze nog wil blijven of naar huis wil, zegt ze: naar huis. ’t Is mooi geweest.
Ik had er wel zin in. Stelde me een discosfeertje voor en zag de bars al klaar staan. Wat we aanvankelijk uit de verte hadden gehoord van een coverband, klonk nog zo slecht niet, maar de smartlappen die er achteraan kwamen, vond ik wat minder aantrekkelijk.
“Laten we maar even gaan kijken joh,” zeg ik en we staan op om de bups klaar te maken. Sol in de draagdoek, Valentín in de buggy (grote kans dat hij in slaap valt!) en Aimée op de fiets.
Het theater is ongeveer 500 m lopen en in de grond uitgehakte tribune zit helemaal vol. Gaetano loopt naar een plekje aan de zijkant.
Inmiddels heeft een R’n’B zangeres het podium ingenomen: Birgit (spreek uit: Burgit) Lewis. Geflankeerd door twee danseressen in zwarte gordijnenpakjes en begeleid door de band (spreek uit: band; wie heeft er met zo’n stem live-muzikanten nodig?) zingt ze nummers van Rihanna (geloof ik?) en Beyoncé, maar ook van Shaka Kahn en Tina Turner.
Aimée wil het zien; ik weet niet precies wat het is dat haar fascineert. De pakjes van de danseressen misschien of hun moves, of simpelweg de Vrouw met de Stem, maar we bewegen meer naar het midden en ik neem haar op mijn nek. Ze wil het nóg beter zien en neemt me aan mijn hand mee naar voren.
Dicht bij het podium is genoeg plek. De toeschouwers of liever gezegd meedansers hier zijn allemaal meisje en onder de zestien. Hier kun je heerlijk jezelf zijn, met een knuffel onder je arm, je wasberenpak aan, of gewoon in je lievelingsrokje. Ik vind het plezier van mijn dochter een goed excuus omweer eens gewoon lekker te dansen alsof niemand kijkt. Het lijkt alsof het jaren, zwangerschappen, kraamtijden en schooljaren geleden is dat ik dat heb gedaan.
Na het toegift van Burgit (Purple Rain van Prince), neemt Bob met de Blue Boys het over. Hij, de zanger, in wit-zwart, zij, de muzikanten, in zwart-wit. Zingen gewoon waar ze zin in hebben: ben nu alleen even vergeten wat.
Oh ja, Queen bijvoorbeeld. Als ze zingen “Don’t stop me now! (‘Cause I’m having a good time)” appt manlief me of ik hem de sleutels van het huis kom brengen. De broertjes zijn blijkbaar in slaap gevallen. We lopen de berg weer op en brengen de sleutels, gaan dan nog even terug naar het podium, maar het momentum is weg. Als ik Aimée vraag of ze nog wil blijven of naar huis wil, zegt ze: naar huis. ’t Is mooi geweest.
Abonneren op:
Posts (Atom)