Sinds een paar weken droom ik weer. 's Nachts bedoel ik. Misschien droomde ik al die tijd al, maar sinds kort herinner ik me weer wat ik droomde, als ik wakker word. Dat was ik al een hele tijd kwijt.
Misschien is het dagdromen tegelijk met het nachtdromen ook weer begonnen. We gaan verhuizen en het lijkt alsof ik nu weer de ruimte krijg in mijn leven om nieuwe plannen te maken.
We nemen afscheid van onze oude buurt. Het zijn rare omstandigheden, maar de zon schijnt zó uitbundig. De kinderen spelen zó uitgelaten buiten met de vriendjes van het plein; lijken meer dan ooit te genieten van de speeltuin voor onze deur...
Het lijkt alsof ik er zelf zo kan van genieten, juist omdát ik weet dat ik straks een huis krijg dat beter past bij mij en onze behoeften nu. Alsof ik nu al van mijn nieuwe wortels profiteer; me weer een beetje de oude en ook een nieuwe voel. Dat ik weer meer van mezelf houd, omdat ik me een plek met meer ruimte heb kunnen geven. Dat ik daarom ook weer meer (of als vanouds) kan houden van de mensen om me heen.
Het lijkt bijna alsof ik nu eindelijk het pad heb gevonden, dat ik de afgelopen twee jaar maar niet kon vinden, toen ik zo de weg kwijt was...
De grote speeltuin hebben we straks niet meer. Wél een kleintje, waar je vast ook heerlijk rondjes kan fietsen. En een terras waar je een badje neer kan zetten, of een zandtafel, of een moestuinbak, zodat je kunt spelen en tuinieren in de zon. En een nieuwe grote speeltuin twee straten verderop.
Onze buurkinderen gaan we missen, maar ik heb al drie meisjes van Vivians leeftijd zien voetballen op een pleintje om de hoek en jongetjes van Camilo's en Leandro's leeftijd langs zien fietsen.
Het huis waar de drie kinderen alledrie geboren zijn, waar Gerardo en ik in dertien jaar ons nest hebben gebouwd, waar we genoten van het uitzicht op de bloesembomen, laten we los. Daarvoor in de plaats komt een woningbouwpaleisje met eigen opgang, grote slaapkamers, een open keuken en een ruimte om te creëren en studeren.
De steeds sjieker geworden buurt waar we zo aan gehecht waren geraakt, het Vondelpark op steenworp afstand, de mooie straten en bomen, het Hoofddorpplein, de statige huizen, we zeggen ze vaarwel. En we gaan op naar het avontuur in Noord, met het IJ vlakblij, een lief winkelstraatje en een markt om de hoek, de huizen tot twee hoog...
Ik ben er klaar voor. Het lijkt nog maar een klein stapje naar 180 graden om.