dinsdag 28 juli 2015

Moeder

"Wat bent u een lieve en geduldige moeder." De oude dame met het lange, grijze haar in een vlecht had zich net in het meer gebaad. Ze zat nu achter ons, op een muurtje aan het strandje waar wij zaten, mijn dochter en ik, en had ons, terwijl ze zich afdroogde, al enige tijd geobserveerd.
Ik keek naar haar om; voelde een paar tranen opwellen, die ik tegenhield. Zwangerschapshormonen.
"Vind je dat echt?" zei ik, "ik bedoel: vindt u dat echt?"
Aimée speelde verder met de plastic fles die ze net had gevonden. Schepte nog wat zand in haar emmertje.
"Ja," zei ze. "U geeft uw dochter alle ruimte om te spelen en dingen uit te proberen, zich te bewegen. U bent niet streng of zo, of bang dat ze zich vies maakt. U laat haar gewoon van het water proeven."

Jeetje. Dat iemand dit zo maar tegen me zei. En dan nog wel zo'n mooie vrouw.
Ik zag mezelf meestal als een onhandige moeder. Een luie soms ook, die niet altijd zin had om in te grijpen of om spelletjes te bedenken voor haar kind. Soms vond ik mezelf ook een beetje onverantwoordelijk, dat ik niet alle rozijnen die in de zandbak waren gevallen, weggooide, maar ze gewoon weer teruggaf aan Aimée. Ik voelde me vaak incompetent als ik geen zonnebrand bij me had, of koekjes bij de hand, als andere moeders complete survivalkits uit hun tassen toverden.

Maar misschien was ik dus wel een hele lieve en een geduldige moeder ook...

Aan de andere kant: deze mevrouw had mij nog nooit gezien op mijn meest wanhopige momenten midden in de nacht, als ik al een uur bezig was geweest met pogingen Aimée in slaap te krijgen en ze prompt weer wakker werd, wanneer ik op de punten van mijn tenen, zonder iets aan te raken, probeerde de kamer te verlaten en er onverhoopt een enkelgewricht kraakte.

We spraken verder over haar kinderen. De dame had een dochter en een kleindochter van ongeveer Aimées leeftijd. De dochter was wel erg streng, zei ze. Die remde haar dochter bij het minste of geringste af.

Aimée vond de vrouw erg aardig. Ze glimlachte naar haar en zei hallo. Toen de dame wegging, eerst lopend en daarna op de fiets, liep Aimée haar na en bleef een tijdje staan zwaaien.

Ook toen ze ons al niet meer zag.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten